Afscheid nemen bestaat niet

Auteur: Gepubliceerd op: 
Co-column

Het is kwart over zes in de avond. Ik fiets naar huis. Door het donker, in de kou, met een raar gevoel in mijn buik. Ik kijk nog een laatste keer achterom naar het kleiner wordende ziekenhuis dat ik achter me laat. Dat was het dan, hier neem ik afscheid. Doei Deventer Ziekenhuis!

Dit klinkt natuurlijk erg dramatisch en overdreven allemaal, dat afscheid nemen. Je hoort Marco Borsato bijna op de achtergrond blèren dat afscheid nemen niet bestaat. Maar helaas, Marco B., wij als co’s kunnen er toch niet om heen: we krijgen veel te maken met afscheid nemen: op verschillende manieren, in verschillende mate en van verschillende mensen. Er wordt afscheid genomen van patiënten, van collega’s, van vakgroepen. Maar ook van woonplaatsen, huizen, ziekenhuizen en zelfs provincies (miss you Braboland, miss you). De een kan er beter mee omgaan dan de ander, maar we worden er hoe dan ook allemaal mee geconfronteerd.

Ten eerste neem je als co afscheid van je sociale leven. Bye bye elke avond bier, doei late avonden in de kroeg, tschüss slenteren over de vismarkt als de vrijdagochtendmarkt al opgebouwd wordt en hallo veel te vroege wekker en te lange dagen. We doen het allemaal ergens voor en het afkicken van alcohol went ook wel, maar die vroege wekker went echt nevernooitniet.

Verder moet je in de master bijna iedere maand afscheid nemen van een vakgroep waar je je net op je gemak bent gaan voelen en je net alle artsen bij voor- en achternaam kent. En patsboemdoei, je staat weer een cake te bakken of broodjes kroket te bestellen als afscheidskado. Bij een leuk coschap doe ik dat dan in ieder geval. Als het coschap niet leuk was of je kon niet met de mensen opschieten is het natuurlijk niet erg om afscheid te nemen. Dan ben je blij dat je het hebt overleefd en ben je de traktatie zogenaamd helaas vergeten.

In zowel M1 als M2 neem je ook afscheid van een ziekenhuis waar je minstens een jaar hebt vertoefd. Vaak voelt zo’n ziekenhuis helemaal als je thuis en ken je de meeste medewerkers. De tijd vliegt voorbij en voor je het weet ben je helaas gedwongen om het ziekenhuis te verlaten om naar een perifeer ziekenhuis te gaan of om terug te gaan naar Groningen. Gelukkig is dit allemaal voor een goed doel. Uiteindelijk. Op de lange termijn. Ergens in de toekomst.

Een andere vorm van afscheid nemen is het afscheid van patiënten. Misschien doe je dat als co niet zo frequent als een arts, toch worden we er mee geconfronteerd. Op veel verpleegafdelingen ontfermt een co zich vaak over een of meerdere patiënten. Als ze dan met ontslag mogen na een aantal weken, vind ik het soms echt lastig omdat ik toch een band opbouw met mensen en ze waarschijnlijk nooit meer zal zien. Misschien een beetje een wijvengedachte, maar er zijn vast (hopelijk) meerdere mensen (en misschien ook wel mannen) die dit denken. Je zal nooit weten hoe het met diegene is afgelopen, of jij iets voor ze betekend hebt en of ze nog veel last hebben van het zes keer misprikken van het infuus. Dat is het lastige van co zijn, je bent overal maar een beperkte tijd en komt er hoogstwaarschijnlijk niet meer terug.

Ook als patiënten overlijden op de verpleegafdeling of in de huisartsensetting worden we geconfronteerd met afscheid nemen. Je ziet de familie afscheid nemen, wat al veel met je kan doen. Vaak ben je zelf betrokken geweest bij deze mensen en heb je met ze gepraat en een band opgebouwd. Het is dan extra heftig om ze te zien overlijden of om het na het weekend achteraf te horen. Ik vind het zelf erg moeilijk hoe erg betrokken ik dan moet zijn. Je bent en blijft wel een co, maar toch merk ik dat mensen je aanwezigheid vaak wel waarderen omdat het voor jou ook een impact heeft en je zo ook medeleven toont. De grens tussen professioneel en empathisch zijn komt daar ook nog bij kijken, maar dat is dan weer een andere discussie. Zo wordt het wel een heel langdradige en saaie co-column, iets wat ik jullie niet aan zal doen.

Kortom: we nemen veel afscheid tijdens onze klim naar de dokterstop. Soms een goed afscheid (nooit meer op de co-kruk zitten YES, nooit meer koffie halen voor de arts YES, nooit meer worden voorgesteld als ‘de co’ omdat ze mijn naam zijn vergeten YES), maar soms ook een lastig afscheid. Om maar bij het onderwerp te blijven neem ik, als cocolumnist, nu helaas ook afscheid van jullie. Bedankt, trouwe lezers. Ik zal jullie missen. Oké Marco Borsato, nu mag jij nog even: ik ga wel weg, maar verlaat jullie niet! Houdoe.